De laatste hoogtijdagen van het Zweedse langebaanschaatsen liggen al enige tijd achter ons, maar ruim dertig jaar nadat Tommy Gustafson zich tijdens Calgary 1988 kroonde tot de koning van de lange afstanden, beschikken de Zweden eindelijk over diens opvolger.
Tussendoor was er nog wel even hoop op een korte opleving, toen Johan Röjler net na de eeuwwisseling wereldkampioen werd bij de junioren, maar op het hoogste niveau wist hij dat nooit te evenaren.
PyeongChang
Nieuw! Betere duw- en trekwerk op de massastart
24/02/2018 OM 07:38
Dat lukt Röjlers pupil Nils van der Poel nu dus wel. Hij is de huidig wereldkampioen op de twee langste afstanden: de 5.000 en 10.000 meter. Dit seizoen is hij bovendien op beide nummers schier ongenaakbaar en sinds dit weekend op beide afstanden ook de wereldrecordhouder. Dat maakt de Zweed dan ook één van de kandidaten voor goud op tijdens Beijing 2022. Wie is deze 25-jarige uitdager van Jorrit Bergsma, Patrick Roest en Sven Kramer?

Kleurrijke persoonlijkheid

“We hebben wat meer rocksterren en meer intriges nodig in het schaatsen,” dixit Nils van der Poel. Eerder dit seizoen baarde de Zweed opzien tijdens de wereldbekerwedstrijden in Inzell door een spandoek voor zijn concurrent Roest uit te rollen.
Het is geen gespeelde bewondering. Hij kijkt al heel lang op tegen zijn Nederlandse leeftijdsgenoot, sinds die hem op twaalfjarige leeftijd op grote afstand reed tijdens jeugdwedstrijden in Thialf. “Hij is de beste schaatser op de 5 kilometer die ik ken."
Niet iedereen kon de actie van Van der Poel in Duitsland waarderen. Erben Wennemars vond het maar vervelend dat een kanshebber op olympisch goud zich niet gewoon met zichzelf bezighoudt.
Er mag – volgens Van der Poel – wel wat meer plezier worden uitgestraald in het in zijn ogen vaak wat serieuze schaatsen. “Er wordt altijd maar gesproken over materiaal en rondetijden, maar het mag er wel wat vaker gaan over dat schaatsen ook gewoon heel leuk is.”

Sabbatical

Dat de langeafstandsschaatser een vreemde eend in de bijt is, bewees hij wel toen hij er na de Olympische Spelen van 2018 zomaar twee jaar tussenuit ging. Hij richtte zich in die tijd op zijn studie en nam dienst in het Zweedse leger. Dat bleek uiteindelijk toch niks voor hem.
“Ik was een luie en op den duur vermoeide militair,” zei Van der Poel daarover. Het zijn opmerkelijke woorden van iemand die erom bekend staat zichzelf enorm pijn te kunnen doen. Na twee jaar keerde hij als herboren terug in het schaatspeloton.

Er valt heel wat te vieren voor Van der Poel, maar is het straks ook raak tijdens Beijing 2022?

Foto: Getty Images

Hoewel hij zelf aangeeft zijn Spartaanse trainingsregime vooral leuk en afwisselend te willen houden, traint Van der Poel opvallend vaak en hard, uitzonderlijk hard. Na een wereldbekerwedstrijd in Thialf legde hij bijvoorbeeld de 24 kilometer terug naar het hotel hardlopend af.
Die trainingsarbeid breekt hem soms ook op. Afgelopen voorjaar kreeg hij er last van zijn heup door. Die blessure had tot gevolg dat hij minder kon hardlopen dan hij vooraf bedacht had.

Hoe zwaarder, hoe beter

Het was een flinke streep door de rekening: “[Door de blessure] was de variatie in mijn trainingsprogramma niet zo groot als ik vooraf had gehoopt”, erkende hij. Zonder hardlopen kon hij naast het schaatsen namelijk alleen nog maar skiën en mountainbiken, twee andere sporten die hij buiten het seizoen graag beoefent.
Hij gunt zichzelf bovendien geen rustperiode in het voorjaar. Het is mede door zijn indrukwekkende werkethos, dat Van der Poel floreert op de lange afstanden, en dan het liefst onder zware omstandigheden.
En daarom werd er getwijfeld of hij zijn suprematie van dit kalenderjaar op snelle hooglandbanen zoals die van Salt Lake City wel zou weten te consolideren. Voor de wereldbekerwedstrijden van afgelopen weekend speculeerde oud-olympisch kampioen Jochem Uytdehaage in de Volkskrant over een mogelijke nieuwe toptijd op de 5.000 meter. Een eindtijd van onder de 6 minuten behoorde volgens hem tot de mogelijkheden.

6.01,56

Maar dan dacht de voormalig schaatskampioen in eerste instantie niet aan Van der Poel als mogelijke nieuwe recordhouder. Ted-Jan Bloemen was dan een belangrijkere gegadigde. “Daarvoor ligt Van der Poels absolute topsnelheid misschien te laag”, stelde Uytdehaage in aanloop naar dit weekend vast. Met zijn start van boven de 20 seconden leek Van der Poel het gelijk van de Utrechter aan te tonen, maar in het vervolg van zijn race herstelde hij zich en bleef lange tijd rondjes laag in de 28 noteren.

Klok

Ook met die topsnelheid van de Zweed zit het dus wel goed, al bleef hij ruim een seconde boven die mythische grens van zes minuten. Maar wel heeft Van der Poel hiermee zijn tweede wereldrecordtijd te pakken.
Hij reed in februari van dit jaar – bijna op de dag af 14 jaar nadat Sven Kramer het laatste wereldrecord in Thialf op de klokken zette – in datzelfde Heerenveen naar een mondiale toptijd op de 10 kilometer: 12:32.95.

Keer op keer mogen de handen van Van der Poel de lucht in

Foto: Getty Images

Jillert Anema, wiens pupil Bergsma in China waarschijnlijk de belangrijkste Nederlandse uitdager zal zijn, stak na afloop van die race zijn bewondering voor het talent van de concurrent niet onder stoelen of banken.
“Hij rijdt als een klok,” liet de uitgesproken schaatscoach kort na het nieuwe wereldrecord optekenen in de Leeuwarder Courant.

Oppermachtig

Enkele weken geleden declasseerde Van der Poel tijdens de wereldbekerwedstrijd in Stavanger, dit jaar de enige keer dat deze afstand in wereldbekerverband wordt verreden, de concurrentie. Hij scherpte op die Noorse ijsbaan niet alleen het baanrecord met twaalf seconden aan, maar reed opponent Bergsma in een directe confrontatie op bijna achttien tellen.
De stayer eindigde de race met meerdere rondjes in de 29 seconden. Met dat overschot aan het slot verraste hij zelfs zichzelf: "Met veertien ronden te gaan had ik wat aanvallender kunnen rijden. Het was niet goed dat ik in de laatste vier ronden in de 29 reed. Dan had ik beter tien ronden van 30,0 kunnen rijden."

Olympische verrassingen

Hoewel de Nederlanders voor de doorbraak van Van der Poel, en dan met name Sven Kramer en Jorrit Bergsma, dus jarenlang heersten op de langste schaatsafstand, wist de afgelopen drie Olympische Spelen alleen die laatste een keer het goud op te eisen.
De 10 kilometer kende telkens weer verrassingen en werd achtereenvolgens gewonnen door de Zuid-Koreaan Lee Seung-hoo, de genoemde Bergsma en schaats-Canadees Ted-Jan Bloemen.

Van der Poel onderweg naar het wereldrecord van toen op de 5000 meter in Heerenveen

Foto: Getty Images

Voor de absolute topfavoriet Kramer ging het keer op keer mis. Dat is ook iets dat Van der Poel kan overkomen, realiseert hij zich: “Ik besef dat ik waarschijnlijk geen olympisch kampioen word.”
Het succes van vandaag biedt geen garantie voor morgen. Er kan nog van alles gebeuren tussen nu en de Spelen, weet hij. Vier jaar geleden greep Van der Poel bijvoorbeeld door ziekte tijdens de kwalificatie naast een ticket voor de olympische 10 kilometer.
Op zijn minder favoriete 5 kilometer eindigde hij toen op een weinig indrukwekkende veertiende plaats, ver achter winnaar Kramer.

Beijing 2022

Bovendien zijn Van der Poels concurrenten, zo zegt hij zelf, beter dan hijzelf in het pieken op de belangrijke momenten. “Mijn niveau is meer constant,” zei hij daar in het verleden over. Of dat hem ook in Peking parten gaat spelen, zal waarschijnlijk pas in februari duidelijk worden.
Zeker is dat de man met een Groningse grootvader vooraf een van de grote kanshebbers is op meervoudig succes op de lange afstanden tijdens Beijing 2022.
PyeongChang
Van Bart de schaatsbelg naar TJ Flowers
05/01/2018 OM 13:57
PyeongChang
Anni Friesinger: "Nederland herhaalt succes Sotsji zeker niet"
04/01/2018 OM 10:20