Voetbal

Ode aan de stilist: Robert Pires

Deel dit via
Kopiëren
Deel dit artikel

Robert Pires

Foto: Eurosport

DoorSam Planting
24/06/2020 om 12:14 | Bijgewerkt 30/06/2020 om 08:07
@Sam_Planting

In Ode aan de Stilist licht Eurosport wekelijks een voetbalheld uit het recente verleden uit. De enige voorwaarde: het moet een speler voor de absolute fijnproever zijn. Vandaag aandacht voor Robert Pires, die als geen ander liet zien hoe je stijl kan combineren met succes.

Het voelt passend dat het carrièreverloop van Robert Pires, zowel naast als op het veld een uiterst elegante verschijning, er eentje is die volledig volgens het boekje lijkt te zijn verlopen. Met de nadruk op ‘lijkt’. Hij doorliep als tiener de jeugdopleiding van de profclub uit zijn geboortestad, Reims. Brak rond zijn twintigste, bij FC Metz, door op het hoogste Franse niveau. Maakte na vijf goede seizoenen in de Franse middenmoot de stap naar de binnenlandse top, met een transfer naar Olympique Marseille. Om vervolgens op piekleeftijd, net voor zijn 27ste, het te wagen in de top van de Premier League bij Arsenal - een overstap die een paar uurtjes na zijn assist op de EK 2000-beslissende goal van David Trézéguet voldongen werd.

Voetbal

Ode aan de Stilist: Yaya Touré

GISTEREN OM 11:17

Maar de Pires, volgroeid en vanuit voetbalkijkers-oogpunt volmaakt, die wij herinneren uit zijn hoogst succesvolle Arsenal-periode, is niet per se het logische gevolg van een voetballoopbaan die in één rechte, ‘logische’ streep opwaarts was gegaan. Want dat Pires tot een van de geslaagdste stilisten in de Premier League-geschiedenis uitgroeide, mag ook papier dan wel de meest logische uitkomst lijken, maar is in werkelijkheid een schoolvoorbeeld van ‘juiste tijd, juiste plek’.

Robert Pires bij Metz

Foto: Eurosport

Pires’ weg naar de top had namelijk even makkelijk kunnen ontsporen. Zijn echtgenote, Nathalie, was in gesprek met ESPN in 2001 heel duidelijk waarom Pires ervoor koos Marseille in te ruilen voor Arsenal: ‘Druk en agressie werken niet bij Robert. Hij moet zich vrij voelen om te kunnen functioneren - in Londen is dat pas weer mogelijk.’ Ten tijde van zijn overstap richting Engeland was Pires al een volwaardig lid van het Franse elftal dat het WK ‘98 in eigen land had gewonnen - ondanks het feit dat hij een Spaans-Portugese opvoeding had genoten, en daardoor tot in zijn late tienerjaren onzeker was gemaakt over zijn accent wanneer hij Frans sprak. Maar bij zijn eigen club, Marseille, stond hij wekelijks ter discussie. In zijn eerste jaar bij l’OM kwam de ploeg één punt te kort voor de landstitel. Het publiek van de immer onrustige club richtte in het daaropvolgende seizoen de pijlen op de stijlvolle, maar soms wat wisselvallige spelmaker. Na aanhoudende fluitconcerten en twee inbraken in zijn huis, had Pires er genoeg van. Hij weigerde nog langer uit te komen voor de club uit Zuid-Frankrijk. Het zou niet de laatste keer zijn dat Pires de daad bij het woord voegde qua principes: in 2004, op de top van zijn clubcarrière bij Arsenal, hield hij het bij het nationale team voor gezien, na een zoveelste meningsverschil met de berucht conflictueuze bondscoach Raymond Domenech.

Was Pires langer in Marseille gebleven, dan zou hij misschien in de vergetelheid zijn geraakt. Een zoveelste geweldige voetballer waarbij het nèt niet genoeg mee zat om de absolute top van zijn eigen kunne te bereiken, ondanks een bodemloos lijkende put aan technisch talent. Maar toen was daar Arsène Wenger. Op aandringen van de Franse oefenmeester gooide Arsenal zich met het volle gewicht in een biedingsoorlog met Juventus en Real Madrid. Wenger moest Pires hebben. Hij zag in de lijzige rechtspoot de ideale linksbuiten voor zijn 4-4-2-speelsysteem: het overzicht en de techniek van een spelmaker die kleur kan geven aan positioneel fijnbesnaard combinatievoetbal, de snelheid en gerichtheid van een aanvaller waarmee je even makkelijk kan overschakelen tot dodelijk countervoetbal. Voor ongeveer een kwart van het recordbedrag dat The Gunners van Barcelona hadden ontvangen voor Marc Overmars (25 miljoen pond) werd de opvolger van de Nederlander binnengehaald.

Wenger en Pires

Foto: Eurosport

Het zou een van Wenger’s grootste home runs zijn als talentenkenner. Pires bleek een sensatie in Londen. In 2001/02, zijn tweede jaar op Highbury, werd Pires tot Premier League-Speler van het Jaar verkozen, nadat hij de meeste assists in de competitie had afgeleverd en Arsenal samen met een uitblinkende Dennis Bergkamp en Thierry Henry naar de landstitel had geleid. Vanaf jaar drie in het Londens rood-en-wit veranderde Pires, tot dan toe vooral de meesteraangever in zijn ploeg, ook tot een volleerd doelpuntenmaker: Tussen 2002 en 2005 zou hij drie seizoenen op rij tot veertien competitietreffers komen - een uitzonderlijke prestatie als vleugelmiddenvelder die ook verdedigend zijn mannetje moest blijven staan.

De haast onmenselijke prestaties van Henry in het seizoen 2003/04, het jaar waarin Wengers Invincibles Premier League-kampioen werden zonder ook maar één duel te verliezen, overschaduwen soms de sleutelrol die Pires had bij dit succes. Met 14 goals en 11 assists was Pires bij liefst 25 goals betrokken in dé succescampagne van The Gunners.

Pires gedijde bij vrijheid. Vrijheid die hij onder Wenger gek genoeg meer kreeg in de Engelse voetbaltop dan die in eigen land. Waar de meeste stilisten sneuvelen in de even rijke als harde Premier League, haalde het in Pires juist het allerbeste naar boven.

Voetbal

Ode aan de Stilist: Pablo Aimar

22/06/2020 OM 19:48
Voetbal

Eurosport Olympische Team van Toen: Brazilië 2012

22/06/2020 OM 13:16
Gerelateerde onderwerpen
Voetbal
Deel dit via
Kopiëren
Deel dit artikel