Eurosport
Eurosport XI: 2000-2009
Door
Gepubliceerd 06/05/2020 om 16:13 GMT+2
Welkom bij de rubriek Eurosport XI, waar we een poging doen om een zo verdiend mogelijk sterrenteam per tijdsvak van tien jaar samen te stellen, in deze voetballoze periode. Oftewel, laat de onenigheid maar beginnen!
Eurosport
Foto: Eurosport
Vandaag: De Beste XI van 2000 tot en met 2009 volgens Eurosport.
Keeper: Iker CasillasPalmares tussen 2000 en 20092x eindwinst Champions League1x EK-winst4x Spaans landskampioen
Waar het op de meeste posities in een dergelijk decennium-elftal een nagenoeg onmogelijke taak is om met zekerheid tot een keuze te komen, maakt Casillas het tussen de palen een stuk gemakkelijker. San Iker veroverde in 1999, op 18-jarige leeftijd, een basisplek bij ‘s wereld grootste club, en zou pas vijftien jaar later niet meer de onbetwiste nummer één bij Real Madrid meer zijn. Waar wij in Nederland vooral zijn uitgestrekte teen tot in de eeuwigheid zullen vervloeken, is het ook gepast om stil te staan bij Casillas’ extreem constante loopbaan. Hij vormde de immer betrouwbare defensieve ruggengraat in de tijd van de Galaticós bij Real, bij de tiki-taka-successen van de Spaanse nationale ploeg, en stond onder de lat in de eerste gewonnen Champions League-finale van Real in het Zidane-en-Ronaldo-tijdperk.
Rechtsback: Javier ZanettiPalmares Zanetti tussen 2000 en 20094x Italiaans landskampioen2x Coppa Italia-winst
Ah, de goede oude tijden van de vorige alinea, waarin er nog verzucht werd dat de keuze voor Casillas als keeper van de Jaren ‘oo een zo makkelijke was. Want op rechtsachter doemt er al een duivels dilemma op: Cafu of Zanetti? Uiteindelijk wint El Tractor deze titanenstrijd, simpelweg omdat hij de absurde prestatie neerzette van 21 (!?) achtereenvolgende seizoenen als gewaardeerde basiskracht in de top. In de negentien jaar tijd tussen 1995 en 2014 versleet Inter negentien coaches, maar was er in Milaan altijd één constante factor: het sobere, werklustige en stiekem behoorlijk fijnbesnaarde spel van Zanetti. Tot het seizoen 2009/10, waarin Inter onder leiding van José Mourinho de treble won, was Zanetti hét voorbeeld van een moderne rechtsback: een onvermoeibare teamspeler die de gehele flank bestreek. De Portugese toptrainer schoof Zanetti door naar een controlerende rol op het middenveld. Waar Milan-legende Paolo Maldini als de ultieme gentleman te boek staat, had ook Mister Inter een handje van extreem ‘net’ spel: Zanetti was een gewillig tackle-inzetter, maar pakte in 22 profseizoenen slechts 2 keer een rode kaart.
Centrumverdediger: Alessandro NestaPalmares Nesta tussen 2000 en 20092x Champions League-eindwinst1x WK-eindwinst2x Italiaans landskampioen2x Coppa Italia-winst
We blijven in Milaan, maar switchen nu naar het rood-zwarte gedeelte van de modestad. Want waar sommige topvoetballers er nooit echt uit zullen zien als geboren superhelden - laten we eerlijk zijn: een Messi in andere kledij dan een voetbalshirt schreeuwt in geen enkel opzicht ‘beste voetballer aller tijden’ - leek Nesta exact op dat wat er uit het lab zou komen als je ‘s werelds slimste wetenschappers de perfecte verdedigingsrobot zou laten maken. Hoewel Nesta zeker geen stumper was qua pure snelheid en technisch vermogen, behoorde de Italiaan bij Lazio (1994-2002) en Milan (2002-2012) jaar in, jaar uit tot de absolute wereldtop vanwege zijn kwaliteiten als stopper en mandekker. Zet een wedstrijd van Milan uit het midden van de Jaren ‘oo aan, neem jezelf voor om Nesta op een positioneringsfoutje te betrappen, en je kunt negentig minuten later het scherm sluiten met de conclusie dat de in Rome geboren verdedigingsgod daar simpelweg niet aan deed, foutjes.
Centrumverdediger: John TerryPalmares Terry tussen 2000 en 20092x Engels landskampioen3x FA Cup-winst2x League Cup-winst
Waar we met Nesta en Zanetti behoorlijk wat sierlijkheid in onze Jaren ‘oo-achterhoede hebben toegevoegd, is er ook ruimte voor een echte verdedigingsbeul. Nee, een rondje Googlen leert al snel dat Terry buiten het veld geen leuke man was - of is. Maar als pure verdediger was hij wereldtop. De komst van Mourinho maakte van Terry, tot dan toe een klassiek-Engelse stopper, een centrumverdediger van de buitencategorie. Het Chelsea uit het eerste seizoen onder leiding van The Special One (2004/05) incasseerde de minste treffers in de geschiedenis van de Premier League (15 goals tegen). Bij het terugkijken van beelden uit dat seizoen blijkt de immer boze Terry nog altijd onpasseerbaar: een ijzersterke kopper, snoeihard in de duels en atletisch genoeg om ‘s werelds beste spitsen bij te benen.
Linksback: Roberto CarlosPalmares Roberto Carlos tussen 2000 en 20092x Champions League-eindwinst1x WK-eindwinst3x Spaans landskampioen
Oh, ziedaar! Na een paar extreem lastige keuzes (met excuses aan voormalig Gouden Bal-winnaar Fabio Cannavaro) eindelijk eens een no-brainer. Want Roberto Carlos was met gepaste afstand de beste linksback van zijn generatie. Genoeg geleuterd, snel over naar wat hoogtepunten van dat heerlijke linkerbeen.
Midmid: XaviPalmares Xavi tussen 2000 en 20092x Champions League-eindwinst1x EK-eindwinst3x Spaans landskampioen1x Copa del Rey-winst
Vanaf de eeuwwisseling is er in het topvoetbal steeds meer nadruk komen te liggen op de atletische vermogens van de topspelers. Vooral op het middenveld moet je qua snelheid, uithoudingsvermogen, wendbaarheid en kracht van Olympisch topsport-niveau zijn. Deze ontwikkeling maakt het des te knapper dat de beste middenvelder van de Jaren ‘oo er een is die niet aan dit beeld voldoet. Xavi is simpelweg geboren om een voetbalwedstrijd met zijn passing te domineren.
Midmid: Andrès IniestaPalmares Iniesta tussen 2000 en 20092x Champions League-eindwinst1x EK-eindwinst2x Spaans landskampioen1x Copa del Rey-winst
Waar Xavi met zijn buitenaardse passing en balbehandeling de mythe van ‘de topatleet op het middenveld’ aan gort speelde, brak zijn eeuwige middenveldsmaatje met nog een andere moderne voetbalmythe. Iniesta liet namelijk zien dat je een aanvallende middenvelder niet moet afrekenen op zijn doelpuntentotaal. In geen enkel profseizoen in zijn illustere, twintig jaar durende loopbaan eindigde Iniesta in de dubbele cijfers qua goals. En toch is het moeilijk te beargumenteren dat er in zijn tijd een invloedrijker creatieveling op de internationale velden heeft gestaan dan de piepkleine, immer kalende tovenaar van Fuentealbilla.
Aanvallende middenvelder: KakáPalmares Kaká tussen 2000 en 20091x WK-eindwinst1x Champions League-eindwinst1x Italiaans landskampioen
Hoewel Kaká óók altijd te boek zal staan als een van de grootste miskopen in de moderne voetbalgeschiedenis, na zijn door blessures en vormdips gekwelde periode bij Real Madrid (2009-2013), moeten we niet vergeten dat er een window van een paar jaar bestond - vóórdat Messi de voetbalwetten voor eeuwig veranderde - waarin Kaká de veilige keuze was in een discussie over wie nou de beste speler op de planeet was. Want de Kaká uit zijn eerste periode bij Milan (2003-2009) was een zeldzaam soort voetballer: een technicus die alles met een bal kon, maar ook nog eens hyper-atletisch was, tactisch briljante inzichten kreeg en met regelmaat topwedstrijden eigenhandig besliste met zijn goals en assists.
Aanvallende middenvelder: RonaldinhoPalmares Ronaldinho tussen 2000 en 20091x Champions League-eindwinst1x WK-eindwinst2x Spaans landskampioen
Hoe merkwaardig de verhalen over de hedendaagse ‘avonturen’ van Ronaldinho ook zijn, de Braziliaanse dribbelkoning zal voor menig twintiger de eerste favoriete speler blijven. Als je van voetbal houdt, houd je van Ronaldinho.
Spits: RaúlPalmares Raúl tussen 2000 en 20092x Champions League-eindwinst4x Spaans landskampioen
Hoe anders zouden we de dominantie van Raúl hebben herinnerd als hij vijf jaar later was geboren? Dan was de sierlijke linkspoot hoogstwaarschijnlijk de nietsontziende afmaker geweest van de Spaanse tiki-taka-machine die drie eindtoernooien won. Maar de ‘troost’ voor El Ferrari is dat hij zijn carrière afgesloten heeft als misschien wel de succesvolste Spaanse clubspeler ooit. Welke ster er in de zomers bij Real ook binnengehaald werd, kapitein Raúl was en bleef de onbetwiste aanvalsleider. Hoewel Raúl door zijn technische kwaliteiten vrijwel altijd als ‘tweede’, meevoetballende spits in een aanvalsduo werd gebruikt, was hij ongekend productief: tussen 1995 en 2009 liet hij in veertien jaar tijd liefst tien seizoenen noteren waarin hij minstens twintig keer tot scoren kwam.
Spits: Thierry HenryPalmares Henry tussen 2000 en 20091x Champions League-eindwinst1x EK-eindwinst2x Engels landskampioen2x FA Cup-winnaar1x Spaans landskampioen1x Copa del Rey-winnaar
Wat voor Kaká en Ronaldinho in kortere periodes gold, ging voor Henry langere tijd op: de Fransman heeft zich een flinke poos met recht ‘s werelds beste speler mogen noemen. De Henry uit zijn periode bij Arsenal was buitenaards goed: de snelheid van de allerbeste buitenspeler, de creativiteit en het spelinzicht van een volleerd spelmaker, de dribbelkunsten van een entertainer en een doelgerichtheid waar niemand in die periode aan kon tippen. In acht seizoenen tijd bij Arsenal (1999-2007) kwam Henry tot 226 goals - een moyenne van ruim 28 goals per seizoen. En dat terwijl hij dikwijls ook bovenaan de assist-ranglijsten stond. Nu we in het tactische tijdperk leven waarbij vrijwel elk team met één pure spits speelt, denken we soms met weemoed terug aan de hoogtijdagen van Henry en Dennis Bergkamp voorin bij Arsenal.
Gerelateerde onderwerpen
Advertentie
Advertentie