Dat Yaya Touré wellicht als een opvallende verschijning in deze rubriek aanvoelt, heeft twee redenen. Allereerst heeft er zelden een voetballer van zijn bouw - 1 meter 90, met het frame, de schouders en benen van eerder een American Football-uitblinker - te boek gestaan als ‘stilist’. Wat ons brengt bij het pijnlijkere tweede punt: tot voor kort werden Afrikaanse voetballers, laat staan eentje van het fysieke formaat van Touré, eigenlijk nooit omschreven als ‘stijlvolle’, creatieve spelers. Touré werd gedurende zijn loopbaan steevast aangeduid als box-to-box-middenvelder, als fysiek sterke pendelaar. En dat terwijl er in de afgelopen decennia weinig midmids in de absolute top van het Europese voetbal met meer flair en oog voor de mooie oplossing hebben gespeeld dan de Ivoriaan.

Voetbal
Eurosport Olympische Teams van Toen: Nigeria 1996
27/04/2020 OM 10:22

Touré na winst Afrika Cup

Foto: Getty Images

De profcarrière van Touré - die inmiddels op 37-jarige leeftijd aan het afbouwen is bij het Chinese Qingdao Huanghai - begint in 2001 zoals die van de meeste Ivorianen die in deze periode de overstap naar de Europese velden maken: bij KSK Beveren. Hier zwaaide toentertijd Jean-Marc Guillou de scepter, die veel connecties had opgedaan in Ivoorkust als trainer bij topclub ASEC Mimosas en de nationale ploeg en de Belgische hoofdklasser gebruikte als etalage voor Ivoriaans voetbaltalent. Touré, samen met andere uitblinkers als oudere broer Kolo Touré, Romaric en Emmanuel Eboué, was ten tijde van zijn vertrek (januari 2004) uit België een van de veertien Ivoriaanse spelers in de hoofdmacht van Beveren, waar opvallend genoeg een jonge Björn Vleminckx dat jaar zijn eerste vlieguren maakte als profvoetballer.

Touré bij Beveren (in catacombe bij oefenduel met Arsenal)

Foto: Getty Images

Touré’s prestaties op de Belgische velden hadden hem een stage opgeleverd bij het toentertijd oppermachtige Arsenal. Hoewel manager Arsène Wenger hem dolgraag wilde tekenen, brak Touré’s gebrek aan speeltijd op één vaste positie hem op: de Londenaren testten hem, als schaduwspits en diepste spits, af nadat hij voorin een onbeholpen had gemaakt in een oefenduel met Barnet. Hoewel Wenger hem via een omweg alsnog naar Arsenal, een jaar na de komst van zijn broer Kolo, zorgde een voortslepende visumaanvraag-procedure ervoor dat de jongere Yaya eieren voor zijn geld koos. In plaats van voor de roemruchte Gunners, ging Touré spelen in de subtop van het Oekraïense voetbal, bij Metallurg Donetsk.

Yaya Touré bij Metallurg Donetsk (in trainingshemd

Foto: Eurosport

Na anderhalf jaar in de (riant betaalde) Oekraïense anonimiteit duikt een 22-jarige Touré opeens weer op de Europese radar op in 2005, wanneer hij een overstap maakt naar Olympiakos Piraeus. Bij de Griekse grootmacht, waar hij teamgenoten is met Rivaldo, blijkt Touré de volgende stappen in zijn ontwikkeling te hebben gezet. Olympiakos pakt de binnenlandse dubbel, met de Ivoriaanse reus als absolute uitblinker op het middenveld. Touré’s uitstekende optredens in de groepsfase van de Champions League leveren hem, na een tussenjaar bij Monaco, dan alsnog een toptransfer op, drieënhalf jaar nadat hij was geflopt op stage bij Arsenal: in 2007 tekent hij bij FC Barcelona.

Touré bij Olympiakos

Foto: Getty Images

Waar Youré eerder in zijn loopbaan nog meestal in de meest vooruitgeschoven middenveldspositie werd opgesteld, is de Ivoriaan naar Barcelona gehaald als verdedigende midmid. In 2007/08, Barça’s laatste seizoen onder leiding van Frank Rijkaard, maakt Touré een sterke indruk in deze rol. Maar onder opvolger Pep Guardiola verliest de Ivoriaan al snel zijn plek in de Catalaanse hiërarchie. Guardiola prefereert zijn trouwste luitenant uit zijn tijd als beloftentrainer, een piepjonge Sergio Busquets, op ‘zes’; Touré maakt zijn minuten als back-up van Busquets, Xavi en Andrès Iniesta - in de gewonnen Champions League-finale moet hij, door vele blessures in de achterhoede, zelfs bijspringen als centrumverdediger.

In 2010, wanneer Touré voor een monsterbedrag de overstap maakt naar het puissant rijke voetbalproject van Manchester City, vallen alle puzzelstukjes voor de boomlange midmid op zijn plek. Touré, in het verleden dikwijls de ‘nieuwe Patrick Vieira’ genoemd, wisselt met liefde zijn vaste rugnummer 24 bij aankomst bij The Citizens in voor het ‘omgekeerde’ nummer 42 - dit omdat een zekere Vieira al met nummer 24 speelt in het babyblauw. In het Etihad Stadium wordt Touré daarnaast eindelijk, voor het eerst sinds zijn Beveren-dagen, herenigd met broer Kolo.

Kolo Touré en Yaya Touré bij Manchester City

Foto: Getty Images

Waar Touré, ondanks bij tijden geweldig imponerend spel, bij Barça ruimte moet maken voor ‘tiki-taka’-vriendelijke spelers, steekt hij er in het bijeengekochte sterrenensemble van Manchester City zowel letterlijk als figuurlijk bovenuit. Na bijna tien jaar als prof weet Toure bij City inmiddels welke rol hem het beste ligt: die van Zwitsers zakmes op het middenveld. De loom ogende midmid kan het ene deel van de wedstrijd zich vooral bezighouden met het in goede banen leiden van de spelopbouw van achteruit, om in een andere wedstrijdfase juist als een soort ‘nummer tien’ telkens op te duiken op de rand van het strafschopgebied. Wáár Touré op het veld ook speelt, overal blijft één kwaliteit hem onderscheiden van de rest: de Ivoriaan is niet van de bal te zetten. Touré is te groot voor de meer technische tegenstanders, en juist te technisch onderlegd voor de wat hardhandiger opponenten.

Uiteindelijk betekent de komst van Guardiola naar Manchester City eind verhaal voor Touré. Maar de Ivoriaan heeft dan al het beste profseizoen uit zijn loopbaan in de benen zitten. In 2013/14 leidt Touré zijn Citizens vrijwel eigenhandig naar de tweede landstitel in drie seizoenen tijd. In dat seizoen, onder leiding van de enigmatische manager Manuel Pellegrini, ontdekt Touré - die onder de Chileen als een ‘vrije controleur’ speelt in 4-2-2-2-formatie - dat hij ook in staat is om op topniveau het verschil te maken in de afrondende fases van aanvallen. Tot 2013/14 heeft Touré nooit meer dan zes keer gescoord in één competitiejaargang in zijn loopbaan: in dat seizoen komt de Ivoriaan tot een verbijsterend Premier League-totaal van twintig goals en negen assists. De rijkste competitie op aarde maakt kennis met ‘De Yaya’: een geplaatst, laag schot uit de tweede lijn, waarbij de bal door Touré’s raken met de extreme binnenkant van de voet (bijna ter hoogte van de hiel) een merkwaardig vlakke schotbaan aanneemt die keepers telkens weer weet verrassen.

Voetbal
Olympische Teams van Toen: Argentinië 2004
25/05/2020 OM 10:13